Een artikel van "joods-christelijk pastor" Ben Kok op Het Vrije Volk heeft nogal wat stof doen opwaaien. H. Numan reageerde vilein, waarna Faith Freedom International Numans stuk oppikte op zijn site. Tot slot stuurde iemand de redactie enkele e-mails met een groot aantal intolerante verzen uit het Oude Testament. Een aardige kijk in de keuken van militant-atheïstisch rechts in Nederland.
H. Numan richt zijn pijlen voornamelijk op het gebrek aan secularisme in Nederland, dat er -- inderdaad -- mede voor verantwoordelijk is dat moslims in Nederland net als katholieken en protestanten met belastinggeld hun eigen scholen kunnen stichten. Zijn conclusie liegt er niet om: "Zolang christelijke idioten (voel u a.u.b. aangesproken) in Nederland de dienst uitmaken, zullen slimme mohammedaanse sjamanen net zo hard misbruik maken van de algemene middelen, en de wet ombuigen in hun eigen voordeel."
Eerder in zijn stuk maakt Numan al duidelijk dat hij niet wenst lastig gevallen te worden met "de vuile was en kinnesinne" van "keppeltjes, burka's en sjaballas," die hij zonder pardon op één hoop gooit. Hij vraagt zich af waarom de Tien Geboden niet verboden zijn, aangezien ze "vrijwel allemaal (op twee na) in strijd [zijn] met de grondwet." Bovenvermelde e-mailer gooit het over dezelfde boeg, met hele lappen ingeplakte tekst die duidelijk moeten maken dat het Oude Testament net als de Koran inhumane passages bevat. "Ik pleit ervoor de god van de joden met pek en veren te overgieten, en uit te lachen," is zijn conclusie.
Waar gaat alle opwinding over? Ben Kok pleit -- in naam van zijn geloofsovertuiging -- tegen de plannen van minister van justitie Ernst Hirsch Ballin om het beledigen van iemands levensovertuiging strafbaar te stellen. De islam is afgoderij en verdient geen bescherming, want er is maar één God en dat is JHWH, zo luidt Koks argument. Het reeds bestaande artikel 147 uit het Wetboek van Strafrecht, dat smadelijke godslastering verbiedt, is destijds uitsluitend in het leven geroepen uit respect voor de joodse God en volstaat daarom prima. "Reageer massaal naar politici met gezond geestelijk inzicht (welke zijn dat nog?) en laat uw stem horen, ook in de media," besluit Kok zijn betoog. Een poging om op democratische wijze zijn joodse geloof een bijzondere positie in Nederland te laten verkrijgen dus. Niets meer en niets minder.
Laat ik allereerst zeggen dat ik niet zozeer de neiging voel hier een verdediging op te moeten voeren ten behoeve van het artikel van Ben Kok. Ik ben niet joods en zelfs niet gelovig. Bovendien heb ik naar eigen mening genoeg geloofwaardigheid opgebouwd in de afgelopen paar jaar om niet aan de lezers van HVV te hoeven benadrukken dat ik tegen bevoorrechting ben van welke levensovertuiging dan ook.
"God is dood" De klaarblijkelijke lichtgeraaktheid van een aantal lezers doet mij niettemin afvragen of ze hun parelen niet voor de zwijnen werpen. Zowel de e-mail als Numans artikel (dat FFI integraal heeft overgenomen op zijn site) ontaardt in het volledig afbranden van het jodendom en het Oude Testament. De kritiek loopt -- niet geheel verrassend -- aardig in de maat met het Harry-de-Winter-thema: "De islam is oké, want in de Tora staan ook verschrikkelijke dingen." Het enige verschil is dat deze schrijvers, antifundamentalistisch als ze (gelukkig) zijn, het stuk vóór de komma weglaten, zodat ze zich in ieder geval niet schuldig maken aan pertinent onlogisch redeneren, in tegenstelling tot De Winter.
Verder voldoet het plaatje exact aan de bewering van Nietzsche dat God in de westerse liberale democratieën zélf naar de eeuwige jachtvelden is geholpen. Het is religie in het algemeen, niet de islam in het bijzonder, die voor westerlingen onderdrukking en intolerantie belichaamt. De oplossing van beide criticasters laat zich dan ook raden: de totale verbanning van God uit het openbare leven, of hij nu joods, christelijk of islamitisch is.
Dit laatste vormt natuurlijk geen definitie van secularisme. Dat een dergelijke aanname niet klopt, bewijst Numan zelf, aangezien hij veronderstelt dat er in de Verenigde Staten, christelijk-conservatief land bij uitstek, meer secularisme bestaat dan in ontkerkelijkt Europa.
De liberale democratieën rusten in werkelijkheid in grote mate op de fundamenten van met name het christendom en de klassieke filosofen. Afgezien van het feit dat men zich kan afvragen waarom een set moreel-religieuze regels als de Tien Geboden, die nergens in het Westen wettelijk bindend is, in strijd zou zijn met de Nederlandse Grondwet, vinden sommige van deze regels nog immer hun neerslag in de vaderlandse wetboeken; moord en diefstal zijn nog altijd verboden. Bovendien gaf Christus zelf de eerste aanzet tot de scheiding van kerk en staat in de westerse landen: "Geeft den keizer wat des keizers is en Gode wat Gods is."
Verlichting
Het zou best kunnen zijn dat onze liberale democratieën sinds hun ontstaan langzaamaan topzwaar zijn geworden. Vanaf de Verlichting is er namelijk iets bijzonders gebeurd: de filosofie heeft zijn huis eerst stevig neergezet op de christelijke en klassieke fundamenten, om die laatsten vervolgens volledig in gruzelementen te slaan. Het resultaat van die actie vond zijn apotheose in de jaren zestig van de vorige eeuw en manifesteert zich in militant atheïsme, moreel relativisme en uiteindelijk nihilisme.

Terwijl de oude Grieken middels filosofie de menselijke natuur wilden cultiveren om de beste mens en de beste samenleving voort te brengen, ontstond ook in het christendom een uitgebreide deugdethiek, die verwachtte van mensen dat zij zelf een zo eerzaam mogelijk leven leidden en verantwoordelijkheidsgevoel koesterden ten opzichte van hun naasten. Thomas Hobbes en John Locke opteerden daarentegen voor het balanceren van ondeugden: egocentrisme en hebzucht zijn prima, zolang ze maar worden gekanaliseerd in het democratisch bestel en de vrije markt. Op die manier mocht de mens zijn lat aanzienlijk lager leggen, om zo de kans te vergroten dat hij zijn levensdoel bereikte.
Paradoxaal genoeg is het geenszins vanzelfsprekend dat de liberale democratie -- toch bij uitstek een product van de Verlichting -- deze cultuuromslag kan opvangen. De Verlichting heeft vooral de nadruk gelegd op gelijke rechten voor iedereen, terwijl plichten en verantwoordelijkheden progressief ondermijnd zijn. ("Integratie met behoud van de eigen identiteit," is een treffend voorbeeld van dit nieuwe ethos.) Het spreekt voor zich dat een dergelijk wereldbeeld niet erg bijdraagt aan actief en positief burgerschap.
Deze ontwikkeling heeft zich in de filosofie voornamelijk in de laatste honderdvijftig jaar voorgedaan en bij de grote massa vanaf de jaren zestig. In naam van de democratisering van kennis is het onderwijs zo breed toegankelijk geworden, dat de kwaliteit ervan volledig verwaterd is. Docenten en professoren die meer doen denken aan politiek activisten dan aan overdragers van wijsheid en kennis, vertellen ons dat het "etnocentrisch" is om te veronderstellen dat de westerse beschaving, van Plato en de Bijbel tot Shakespeare en Montesquieu, superieur is aan beschavingen om haar heen. Ze vertellen ons dat promiscuïteit een groot goed is, dat desondanks millennia lang is onderdrukt door christelijke barbaren. Ze leren ons dat de rijke elite de armen op grove wijze uitbuit -- zowel op lokaal als internationaal niveau -- en dat herverdeling van inkomen, positieve discriminatie en andere semitotalitaire maatregelen nodig zijn om dat tij te doen keren. Evenzo is criminaliteit ook niets meer dan een gevolg van armoede en heeft strenge handhaving dus geen enkele zin.

Denkers die deze beeldvorming weerspreken omdat zij vrezen voor de toekomst van de westerse samenlevingen, worden "reactionair" en zelfs "fascistisch" genoemd. Vooral verwijzingen naar de Tweede Wereldoorlog zijn in dit kader een welbekende dooddoener:
Leo Strauss heeft vijfendertig jaar na zijn dood nog steeds de touwtjes in het Witte Huis stevig in handen, uiteraard met desastreuze gevolgen voor de gewone man.
Deze slechte ideeën zijn vandaag de dag zover doorgesijpeld naar de onderkant van de samenleving, dat: een kwart van de Nederlandse beroepsbevolking met een uitkering thuis zit (met de ergste vergrijzing nog voor de deur); steeds minder mensen voor steeds méér mensen financieel moeten opdraaien; die situatie tot grote maatschappelijke onvrede leidt; de criminaliteit de spuigaten uitloopt; een derde van alle huwelijken op de klippen loopt; in Groot-Brittannië veertig procent van alle baby's buitenechtelijk wordt verwekt; in de VS zeventig procent van alle zwarte kinderen in een éénoudergezin opgroeit; de postmoderne elite überhaupt geen kinderen meer krijgt; een significant gedeelte van de miljoen moslims in ons land zich vervreemd voelt of zelfs radicaliseert; deze mensen nooit burgerschap is bijgebracht; het idee van burgerschap nog altijd als "hypernationalistisch" wordt beschouwd; en dat, tot slot, als gevolg van al het wereldvreemde wanbeleid dat Den Haag de laatste veertig jaar heeft uitgespuugd, het land onbestuurbaar dreigt te worden en de sociale cohesie als sneeuw voor de zon verdwijnt.
In plaats van haar kerntaken op zich te nemen -- het bieden van veiligheid aan de burger en het bewaken van de integriteit van de landsgrenzen --, vergrijpt de overheid zich in toenemende mate aan onze belastingcenten om schijnoplossingen voor bovenstaande problemen te financieren. Gratis schoolboeken, uitkeringen, prachtwijken, het Elektronisch Kind Dossier en de slurptax: het zijn alle maatregelen van een overheid die niet inziet dat ze veeleer onderdeel van het probleem is dan van de oplossing. Zoals Ronald Reagan het ooit prachtig verwoordde: "The more the plans fail, the more the planners plan."
Iedereen met gezond verstand en een een tikkeltje (christelijk) verantwoordelijkheidsgevoel voelt aan dat criminaliteit een persoonlijke keuze is, net als het laten verpauperen van je woonwijk en het krijgen van kinderen (om die vervolgens niet op te voeden). Maar in een samenleving waarin voornamelijk rechten centraal staan en niet plichten, is een dergelijk onderbuikgevoel niet vanzelfsprekend meer. Ik zag op RTV Utrecht eens een portret over een jonge Marokkaan die deelnam aan een (uiteraard zwaar gesubsidieerd) project voor probleemjongeren. Hij mocht onder begeleiding wonen in een speciaal daarvoor ingericht appartementencomplex. De jongeman had zich al vanaf zijn tienerjaren beziggehouden met kleine criminaliteit en drugsgebruik, en ondanks zijn lage leeftijd al aanzienlijke periodes doorgebracht in detentie. Zijn reactie op dit alles: "Deze maatschappij maakt je kapot, weet je." Men vraagt zich af van wie hij deze wijze levensles heeft geleerd.
Het dringt de vraag op of contracten tussen mensen en uiteindelijk de wet voldoende zijn om de sociale cohesie in de liberale democratieën van het Westen te bewaren, wanneer "vrijheid blijheid" en "instant gratification" het devies zijn. "Gij zult niet echtbreken" is enkel één der Tien Geboden, geen onderdeel van de Nederlandse wet. Desondanks zijn de meesten het er over eens dat echtbreuk niet de schoonheidsprijs verdient. Datzelfde geldt voor "Gij zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste" en "Gij zult niet begeren uws naasten [bezit]". Toch is het lang niet meer vanzelfsprekend dat huwelijken standhouden en wij onze naasten correct behandelen. Mensen in het Vrije Westen moeten nu eenmaal doen wat hun hart hun ingeeft, dus is het niet meer dan normaal dat een man zijn vrouw met twee kinderen laat stikken voor een exemplaar dat tien jaar jonger is. Evenzo zijn contracten niet meer dan een dode letter. Als de overeenkomst één van de partijen niet meer bevalt, scheuren we haar gewoon doormidden. (Denk aan voetballers die met hun volle verstand een vijfjarig contract bij een club tekenen en een half jaar later -- als het grote geld in het buitenland lonkt -- klagen over de hoge afkoopsom die de club verlangt.)
Het verwaarlozen van onze intellectuele fundamenten heeft geleid tot intellectuele en morele armoede, niet tot verrijking. Tocqueville meende dat een liberale democratie dit gebrek aan diepgang diende te corrigeren met nauwe bestudering van de grote boeken uit het verleden. Nietzsche vreesde dat een liberale samenleving zonder religie überhaupt niet zou kunnen functioneren. Strauss constateerde in zijn tijd al dat relativisme en nihilisme bij zijn collega's aan de Amerikaanse universiteiten gemeengoed waren geworden. Allan Bloom, tot slot, had de jaren zestig met lede ogen aangezien en betitelde de ontwikkelingen in de Amerikaanse samenleving niet als vooruitgang, maar als "the closing of the American mind."
Islam
Het militante atheïsme dat zich naar aanleiding van Ben Koks stuk op HVV manifesteerde, dreigt dan ook het kind met het badwater weg te gooien; het probleem is niet religie, het probleem is de islam. Tocqueville dacht al dat de Amerikaanse samenleving zo succesvol was omdat het veelal de uiterst vrome protestanten waren die de overstap hadden gemaakt van Europa naar de Nieuwe Wereld. Hij vermoedde tevens dat de democratie niet verenigbaar was met de islam, een opvatting die de critici van Kok wellicht zelf ook aanhangen. De islam kent een intellectuele traditie die zo totaal verschillend is van die in het Westen, dat het naïef is om te denken dat ze een "islamitische Verlichting" zou moeten doormaken en dat vervolgens alles koek en ei is.

Hoezeer sommige verzen in de Tora ons ook de haren ten berge doen rijzen, het Oude Testament staat in geen verhouding tot de Koran, waarin elke pagina vol staat met beschrijvingen van ongenadige straffen die de ongelovigen ten deel vallen in het Hiernamaals (zo niet in dit leven). Bovendien is het Oude Testament voor het overgrote deel een verzameling mythes die zijn geschreven in de verleden tijd, met betrekking tot specifieke personen, en geschreven door feilbare mensen. De Koran is een verzameling vreesaanjagende bevelen, geschreven in de gebiedende wijs, die het directe woord van Allah vormen. Tot slot zijn de scherpe kantjes uit het eerste gedeelte van de Bijbel behoorlijk afgestompt door de verzoenende taal in het Nieuwe Testament. Er is dus nogal een verschil, zowel inhoudelijk als qua status binnen de respectievelijke religies, tussen beide boeken.
De verschillen tussen beide tradities (of beter: syntheses van tradities) manifesteren zich in talloze aspecten van de wereldwijde actualiteit. Is het toeval dat de liberale democratieën uitgerekend in het Westen zijn ontstaan, of ontbreekt er nu eenmaal een aantal voorwaarden voor die regeringsvorm om te kunnen functioneren in de moslimwereld? Heeft de gewelddadige expansiedrang van de islam wellicht iets te maken met de Koran en de Hadith, die van voor tot achter volstaan met verzen over de strijd van Allah en Mohammed tegen ongelovigen? Waarom blazen joden zich nooit op temidden van Palestijnen in Oost-Jeruzalem? En waarom worden er jaarlijks meer boeken vertaald naar het Spaans dan de afgelopen duizend jaar naar het Arabisch?
Er is helemaal niets mis met enige skepsis ten aanzien van een religieus voorganger die zonder argumenten maar enkel vanuit zijn eigen onderbuik anderen probeert te overtuigen van de juistheid van zijn geloof. Het zou echter een grote fout zijn om te veronderstellen dat de drie grote monotheïstische godsdiensten onderling inwisselbaar zijn. De joods-christelijke traditie heeft ons mede onze beschaving geschonken. De islamitische traditie vooralsnog voornamelijk ellende.
De zelfverklaarde vijanden van Ben Kok kunnen dus beter hun pijlen ergens anders op richten.